Date

Arbeidsrecht veranderingen per 1 jan 2026

Arbeidsrecht per 1 januari 2026: drie ontwikkelingen die u in de praktijk gaat merken

 

Graag brengen wij de volgende belangrijke ontwikkelingen uit het arbeidsrecht onder uw aandacht, waarvan u de gevolgen vanaf 1 januari 2026 in de praktijk gaat merken.

 

Verlenging zachte landing handhaving schijnzelfstandigheid

Zzp’ers en opdrachtgevers krijgen ook in 2026 nog geen verzuimboetes bij schijnzelfstandigheid. Het kabinet heeft besloten de zogenoemde zachte landing ook in 2026 te verlengen. De Belastingdienst blijft wel handhaven, maar zet eerst lichtere middelen in, zoals een bedrijfsbezoek, zo blijkt uit de kamerbrief d.d. 19 december 2025 van staatssecretaris Heijnen.

Ten opzichte van 2025 kan de Belastingdienst echter wel vergrijpboetes opleggen, in geval van opzet of grove schuld. Ook behoudt de Belastingdienst de mogelijkheid van naheffingen voor de periode tot 1 januari 2025. Een andere wijziging ten opzichte van 2025 is dat de Belastingdienst kan kiezen voor een onderzoek over een kalenderjaar of een recent aangiftetijdvak, als hij een boekenonderzoek doet.

Het voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van schijnzelfstandigheid vergt veel inspanningen voor zowel werkgevers als werknemers. Wij ondersteunen u daar ook in 2026 graag bij. Het is van belang dat uw organisatie tijdig aan deze wet- en regelgeving voldoet, want vanaf 1 januari 2027 zal de zachte landing komen te vervallen.

 

Europese Commissie wijst verzoek uitstel implementatie richtlijn loontransparantie af

De Europese Commissie heeft op 18 december 2025 laten weten dat zij geen uitstel accepteert voor de implementatie van de EU-richtlijn loontransparantie door Nederland. Uit een eerder rapport d.d. 15 september 2025 van de Informele Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid was aangegeven dat er meer tijd nodig is voor de Nederlandse implementatiewet. De verwachting was toen dat de Nederlandse wet pas op 1 januari 2027 in werking zou treden, waardoor de rapportageverplichting voor werkgevers met 150 of meer werknemers voor het eerst zou gelden over het kalenderjaar 2027, in plaats van 2026. Door de afwijzing van het verzoek tot uitstel moet Nederland nu hoogstwaarschijnlijk alsnog de richtlijn uiterlijk in juni 2026 hebben geïmplementeerd in nationale wetgeving.

Het is dus van belang op korte termijn actie te ondernemen om te zorgen dat u voldoet aan de eisen uit deze richtlijn. Wij helpen u daar graag bij.

 

Nieuw pensioenstelsel vindt doorwerking in arbeidsrelaties

Op 1 januari 2026 gaan er 9,5 miljoen pensioenen over op het nieuwe pensioenstelsel zoals vastgelegd in de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Dat brengt met zich mee dat de wijzigingen van het nieuwe stelsel steeds concreter zichtbaar worden binnen arbeidsrelaties, bijvoorbeeld in gesprekken rondom arbeidsvoorwaarden.

Dat speelt onder meer bij:

  • aanpassing van bestaande pensioenregelingen;
  • instemmingstrajecten met werknemers of ondernemingsraad;
  • onderhandelingen bij beëindiging van het dienstverband of overgang naar een nieuwe regeling.

 

Wat in eerste instantie een technische pensioenwijziging lijkt, kan arbeidsrechtelijk verstrekkende gevolgen hebben. Wij zien in de praktijk dat vragen ontstaan over instemming, compensatie en de rechtsgeldigheid van wijzigingen. Juist op dat snijvlak wordt in 2026 meer duidelijkheid én meer discussie verwacht.

 

Tot slot

Wilt u weten wat deze ontwikkelingen concreet betekenen voor uw organisatie of persoonlijke situatie, of wilt u een bestaande constructie laten toetsen? Via onze contactgegevens onderaan de website kunt u ons bereiken.